In de Praktijk

Energetisch consult

Wanneer je voor de eerste keer een energetische praktijk binnen loopt, weet je niet wat je kunt verwachten. Dit kan voor een eerste keer best wel spannend zijn. Om je een beetje voor te bereiden wat er komen gaat, zijn hier de 10 stappen van een energetisch consult:

  • Gebruik de avond voorafgaand aan het consult geen alcohol, gebruik geen drugs of andere verdovende middelen.
  • Wees uitgerust en kom op tijd. De tijd die je hebt in de wachtruimte kun je optimaal benutten om de waan van de dag even achter je te laten.
  • Bij een eerste kennismaking nemen we ruim de tijd om jou als mens in zijn geheel de revue te laten passeren. Deze zg. intake kan ongeveer 1,5 uur duren.
  • Bij een vervolg gesprek kijken we terug wat er zoal is gebeurd tussen je laatste behandeling en nu. Wat valt op? Is je hulpvraag beantwoord? Is het probleem inmiddels (deels) opgelost?
  • We onderzoeken samen wat de nieuwe hulpvraag is of je geeft aan waar je nog aan wil werken.
  • Als tijdens het onderzoek blijkt dat er mogelijk een fysiek probleem de oorzaak is van je klacht, verwijs ik je altijd eerst door naar je huisarts.
  • Het energetisch onderzoek gebeurt met de handen. De energiehuishouding van jou als mens wordt met de handen afgetast. Dit gebeurt zonder aanraking van de kleding.
  • Na deze zogenaamde scan stel ik een energetische- of wel een vakspecifieke diagnose vast. Deze diagnose vormt de basis voor de therapie.
  • De behandeling die daarop volgt is een logisch vervolg van de conclusie van het scannen en ligt in de lijn van het behandelplan.

We sluiten af met een kort gesprek waarin je kunt vertellen hoe je de behandeling hebt ervaren.
De praktijk is toegankelijk voor iedereen. In het eerste gesprek maken we kennis met elkaar en onderzoeken we of jouw hulpvraag ook door mij behandeld kan worden. Mocht er geen 'klik' zijn, kan ik je doorverwijzen naar één van mijn collega's.
Cliënten met een psychiatrische achtergrond neem ik alleen aan in de praktijk wanneer ze ook onder behandeling zijn bij een tweede- of derde-lijns zorginstelling.